Parasja Pinchas (“Pinechas/Pinchas”) opent met Gods beloning voor Pinchas’ ijver die de plaag na Israëls zonde met de Moabieten stopte: hij ontvangt een verbond van vrede (brit shalom) en een eeuwigdurend priesterschap (kehuna olam). Daarna volgt een nieuwe telling van het volk, en de zaak van de dochters van Selofchad (Machla, Noa, Chogla, Milka en Tirza) waaruit de wet voortvloeit dat dochters erven wanneer er geen zonen zijn. Ook wordt Jozua, de zoon van Nun, door Mozes aangewezen als opvolger: Mozes legt hem publiek de handen op voor Eleazar en de gemeenschap, en Jozua zal leiding ontvangen met raad via het Urim.
De parasja besluit met uitvoerige bepalingen over de dagelijkse offerdienst, de sabbat en de nieuwe maand, en met de offers voor de feesttijden: Pesach, Wekenfeest, Bazuinendag, Verzoendag, Loofhutten en de afsluitende samenkomst. Zo onderstreept Pinchas dat Israëls toekomstig leiderschap geregeld is, het recht binnen de gemeenschap wordt bewaakt, en de relatie met God levend blijft door ritme, eredienst en toewijding.
Schriftgedeelten
Torah: Numeri 25:10-30:1 en Haftarah: 1 Koningen 18:46-19:21.
Artikelen
Nog geen artikelen voor deze parasha.
Audio
Deze parasja sluit aan op de vorige, waarin Pinchas een beslissende rol speelt. Nadat Israël door de vrouwen van Moab tot afgoderij en immoraliteit was verleid en een plaag uitbrak, grijpt Pinchas in door Zimri en Kozbi te doden. De plaag stopt direct en de Eeuwige geeft hem een verbond van vrede. In deze studie staan we stil bij dit verbond, bij de ijver van Pinchas en bij andere thema’s uit deze parasja, zoals de aanstelling van Jozua, de verdeling van het land en de vastgestelde tijden.
Digital Humanities tools
Een (engelstalige) analyse van deze parasja met gebruik van digitale hulpmiddelen zoals SHEBANQ en Text-Fabric op basis van de Biblia Hebraica Stuttgartensia Amstelodamensis (BHSA)-dataset vindt u hier.

